Wat een week! Ik trouwde. Met de Napolitaan. Tenmidden van de mensen die ons lief zijn. Mijn huis werd óns huis. Het moment, maar ook de aanloop, was bijzonder. Een overgang, op alle gebieden.
En het schilderij dat ik deze week maakte, elke dag een stukje, bewoog daarin mee.
Het hielp me vertragen, zodat ik kon gaan voelen, naast al dat denken en doen dat nu eenmaal bij een zelfgeorganiseerd huwelijk hoort.
Een schilderij dat meebeweegt door de dagen

Ik begon met batik. In twee lagen, dit keer. En met iets beter gecontroleerde bewegingen. De eerste kleurlaag was okergeel.

In de tweede laag besloot ik de afgekoelde was te bewerken met een naald; zo creëerde ik fijne lijnen. Daaroverheen een tweede kleurlaag: goudgroen. Zo ontstonden, naast een heleboel andere figuren, de twee vrouwen in de voorgrond.

Daarna tekende ik met kleurpotlood de bladeren, bloemen en ranken. Dat werd een soort meditatie: ik werk op A3formaat, en dat is een flink vlak om te vullen met kleurpotlood.
Bij de vierde laag begon het weer te wringen: wat te doen met die lege vensters?
Sequential art en… SchaduwCirkels!

Zo kwam ik terug bij een belangrijke vraag in mijn praktijk: hoe ik toevalstechnieken kan combineren met sequential art (lees: een verhaal vertellen middels striptekeningen).
Ik had nu dan wel de kaders vrijgehouden voor de striptekeningen, maar ja, die staken inmiddels wel érg wit af tegen die weelderig groene achtergrond. En dat begon te wringen.

Toen herinnerde ik me een techniek van een paar jaar terug en besloot er acryl-inkt in te gieten: zo ontstonden zes SchaduwCirkels. Ik goot ze in de nacht voor mijn trouwdag.
(Lees hier meer over de SchaduwCirkels, en hoe ik ze ontwikkelde)
Toen ik eenmaal gegoten had, begon ik te twijfelen. Wat moet ik hiermee?! Ik ging naar bed, werd vroeg wakker, liep naar mijn werktafel en ineens liet het verhaal in de drie laatste cirkels zich zien.

Maar de eerste vier: die bleven een mysterie. Ik vroeg me vooral af wat de grote cirkel, ondersteund door de vrouw met de halo, in zich droeg. Maar hoe ik ook keek: niks.
Ik besloot het weer even te laten. En ik trouwde. Met de Napolitaan. We vierden het moment, een mooie dag, op een mooie plek, omringd door de mensen die ons lief zijn. We kwamen thuis, vielen in slaap, aten risotto om half een ‘s nachts, en gingen weer slapen. Toen ik wakker werd, en naar mijn werktafel liep, lieten ze zich ineens toch lezen, die twee cirkels.
Een nachtlandschap vol schaduwen, gedragen door een heilige vrouw. Een leven dat nog even vrijgesteld is van de werkelijkheid. Een (alziend?) oog. Vogels. Een paard.
Stuk voor stuk dus vensters. Het deed me goed, deze symbolen herkennen en uitlichten. Maar is dit ook sequential art? Dat blijft nog even een vraag.

Vertraging verheldert
Dankzij de impasse met de lege vensters vond ik dus mijn SchaduwCirkels terug. En herinnerde ik me: dat zijn meer dan lege rondjes, simpelweg volgegoten met inkt. Het zijn ruimtes. Ruimtes waarin je kunt verblijven. Kunt ervaren. Kunt wachten tot zich iets toont – iets onverwachts. Net als Bloomsbury voor Virginia Woolf. Net als de derive voor de Situationisten.
Het belangrijkste inzicht deze week: dat vertragen verheldert. En dat dat de misschien wel de grootste uitdaging is voor mij.
Dat vertragen dús misschien wel bij mijn artistieke praktijk hoort. En dat ik daar drie jaar geleden al volop mee bezig was – zelfs een bijbehorende club en website oprichtte – en dat ik dat helemaal uit het oog verloren was.
Misschien kan ik er wel op verder bouwen?
Lezen en luisteren
Tussen alle bedrijven door vond ik tijd om te lezen.
- Ik begon in Lauren Elkin’s Flaneuse – Women walk the City. Daarin schrijft zij over Virginia Woolf: “Bloomsbury was not only a geographical neighbourhood but an abstract entity, an idea about creativity and bohemianism and an idea about freedom.”
- Ik ging verder in Walking as an artistic practice, Ellen Mueller, waarin ik o.a. las over The Loiterers Resistance Movement. Op de bijbehorende website vond ik onderstaand Venn-diagram, gemaakt door Morag Rose,
anarcho-flaneuse, performance artist en part-time lecturer in Geography at The University of Liverpool.
En dankzij al het wandelen dat ik tegenwoordig doe, vond ik tijd om te luisteren:
- Ik herluisterde dit interview met Malique Mohamud, waarin hij Stuart Hall parafraseert: “Archiving is een vorm van zelfbewustwording.” Wat ik een heel interessante gedachte vind, zeker nu ik weer zo met archiveren bezig ben, zowel in de community als voor mijn eigen praktijk.
- En ik vond aansluitend deze opmerking over ‘Stuart Hall: ‘Hall shows how making artworks, creating new archives, curating exhibitions, writing new art histories, and reimagining the museum are all part of the “critical work” required to unsettle and disturb the grain of official culture and established museum historiography.’ – en dat is precies wat ik graag wil met mijn community werk!

Reminder: pleasure activism!

Wat ik ook steeds vergeet, Calvinist die ik ben: het belang van PLEZIER. Wat dat betreft is het kleine vrouwtje, verstopt tussen de bloemenranken, een goede herinnering. Ze ontstond toevallig, uit een plak hete was, en straalt plezier uit.
Dit is nummer drie in een serie wekelijkse essays over het onderzoek naar mijn artistieke praktijk. Elk essay is voorzien van een beeld dat ik in 7 dagen maakte. Lees deel 1 hier.

