Tag: reuma

Soephoofd met stroomvertraging (en: spondylartopathie)

soephoofd-met-spondylartopathie
Beneden wordt gerommeld. Zacht getinkel van bestek, gerinkel van glazen en een zonder dop fluitende ketel klinken op uit de keuken. Qua volume en onnadrukkelijkheid lijken de geluidjes op wat er zich momenteel in mijn hoofd afspeelt: weinig tot niets, en in geen geval iets opzienbarends.

Het kabbelt maar wat voort, hier in mijn hersenpan.

Gedachten ploppen op – en ploffen zachtjes uit elkaar, voor ze echt iets in beweging hebben kunnen zetten. Hetzelfde geldt voor plannen en ideeën: ze krijgen niet echt voet aan de grond. Voor ze een plekje hebben gevonden om voorzichtig, desnoods eerst eens een allerkleinste teentje te parkeren, is mijn dadendrang alweer afgedwaald. En het gekke is: ik vind het niet eens onprettig. Het is alsof ik permanent in mijn eigen, hoogstpersoonlijke Bermuda-driehoek voor anker lig. Het doet me denken aan mijn pré-moederschapstijdperk.

Voor ik een kind kreeg, leek dit me het ergste dat er was: dat ik mijn drive zou verliezen.

Dat mijn brandende ambitie uitgeblust zou worden door een welgemikte stroom projectielbraak, aan elkaar geregen doorwaakte nachten en ontploffende moederhormonen die mijn lijf en brein op elke mogelijke manier zouden bezetten met roze babygedachten.

Niets bleek minder waar; tot twee keer toe werd tegelijkertijd met de baby’s een bedrijfsplan geboren.

Een bedrijfsplan dat ik, zittend in een ziekenhuisbed, tot op drie cijfers achter de komma had uitgedacht én -getypt, de laptop balancerend op mijn gigantische babybuik, en dat ik, zodra ik weer enigszins kon lopen, bij de copyshop om de hoek liet printen en inbinden, zodat ik ermee naar de Kamer van Koophandel kon. Dát waren nog eens daadkrachtige dagen.

Vandaag* is het heel anders.
Vandaag werd mijn jongste kind zeven – en zelfs dát was ik even vergeten.

Het is dat ik het haar maandag tegen de juf hoorde zeggen, anders was het bij een vage gedachte gebleven en had ze vandaag zonder traktatie naar school moeten vertrekken. En dat terwijl ik het draaiboek voor haar eerste zes verjaardagen uiterlijk drie maanden vóór de heugelijke dag al in tweevoud klaar had liggen.

Wat twee baby’s in 18 maanden tijd niet voor elkaar kregen, is mijn spondylartopathie in grofweg zes weken wél gelukt: ik lig even stil – en ik vind het prima.

Of nou ja: het is niet één en al hosanna.

In die kabbelende zee van aaneengeregen dagen stuit ik soms ineens op een draaikolk. Vanuit het niets vliegt het me aan: PANIEK! Want: hoe moet het allemaal dan volgend jaar, als ik nu stil blijf liggen? Wat ga ik doen, als de mist optrekt? En, onvoorstelbaarder nog: wat als de mist níet optrekt? Gelukkig zijn die draaikolken steeds beter te omzeilen en is de paniek weggetrokken.

Het is inmiddels een beetje alsof ik op vakantie ben – maar dan van mezelf.

Alsof ik mijn normale ik, inclusief brandende ambitie, thuis heb gelaten.
Alsof ik in een stuurloos spondylartopathie-bootje ben gestapt, in het vooronder ben gekropen en op de bonnefooi, in een niet-aflatende halfslaap, ben vertrokken. In een stroomvertraging, maar toch: op weg.
Waarheen? Geen idee.
Het enige wat ik wel zeker weet, is dat ik even blijf waar ik ben. In het tempo waarin ik nu verkeer.

Ik concentreer me, in alle rust, op beter worden.

En op beter koken, want dat is zo ongeveer het enige wat ik nog wél voor elkaar krijg – als ik het maar rustig aan doe. Niet een hele maaltijd in een uur willen koken: dan brandt alles gegarandeerd aan terwijl ik voor de zoveelste keer google hoe lang zo’n zachtgekookt ei ook alweer moet.
Gelukkig heb ik die tijd. Ik begin gewoon ’s ochtends vroeg, en dan heb ik rond half zes wel ongeveer een gezonde, op groenten gebaseerde maaltijd op tafel staan.

Soms voelt dat als een onvoorstelbare luxe; de hele dag doen over één avondmaaltijd.

Soms zie ik tijdens het bietenschillen weer een draaikolk opdoemen.
Roept er een stem in mijn hoofd: “Heb jij nou werkelijk niets beters te doen, Van Ewijk?”

Maar nee. Ik heb niets beters te doen, nu.

Mijn eerste zorg is: beter worden.
En beter koken is daar een belangrijk onderdeel van. Beter, als in: ontstekingsremmend**. Minder suiker, zout, vet, koolhydraten en omega 3. Meer (veel meer) groenten, fruit en omega 6.

Dat is nog niet zo makkelijk – zeker niet voor iemand die eigenlijk nog nooit heeft gekookt.

Iemand die dus normaalgesproken iedere keer opnieuw op moet zoeken hoe lang een zachtgekookt ei ook alweer moet borrelen, die nog nooit een succesvolle pannenkoek heeft gebakken en die rijst (zelfs in de rijstkoker) aan weten laten te branden.
Iemand die bovendien momenteel een soephoofd van hier tot aan de Bermuda Driehoek heeft, en dus elke keer vergeet waar ook alweer omega 3 inzit, en waar omega 6.
Iemand die geen idee heeft hoe lang je gedroogde bonen moet wellen, en waarom, en wat je met het welwater moet doen.

Kortom: laat mij maar rustig bieten snijden, borlotti-bonen weken en soepmaken.

Ik duik vast wel weer een keertje ergens op.
En in de tussentijd doe ik hier af en toe verslag van mijn soephoofd, mijn spondylartopathie en mijn stroomvertraging.

*) Ik schreef deze column vorige week, maar het duurde zomaar vijf dagen voor ik ‘m hier op het blog kreeg. Het blijft wat dat betreft wennen, zo’n nieuw tempo.

**) Heb jij ook spondylartopathie? Of volg jij om een andere reden een ontstekingsremmend dieet? Ik ben heel benieuwd naar je ervaringen! Want tomaten: mag dat nou wel, of niet? En paddestoelen?

***) De Soephoofd-kaart kreeg ik een paar jaar geleden van Esther, van Made with Pit. Hij heeft een ereplaats in mijn werkkamer :-)