Gedachten
comments 2

Kleine Republikein. Over leerplicht, geloof en de laatste loodjes.

“Ik wil niet naar school,” zei ze gedecideerd. Het was half 8 ’s ochtends. Ze had tot veel te laat buitengespeeld de vorige dag, en was veel te vroeg wakker geworden, van al die veel te hard fluitende vogels.

Ze had er duidelijk geen zin in, school, maar ze moest; de zomervakantie liet nog een paar weken op zich wachten. “Laat maar even,” dacht ik – en ging verder met tafeldekken. Mijn naam was even haas.

“Ik wil niet naar school,” herhaalde ze, dwingender dit keer.

“Oh,” zei ik, alsof ik dat voor het eerst hoorde. “Waarom niet?”
“We moeten er de hele tijd klusjes doen,” zei ze – en begon aan een lang en gecompliceerd verhaal over dozen, blokken en getallen. Een verhaal dat zij niet begreep – en ik ook niet. En dat terwijl ik toch al 33 jaar niet meer in groep 3 zit.
“Dus,” sloot ze haar relaas af, “Ik wil niet naar school.”

“Ik begrijp het,” antwoordde ik. “Dat klinkt ook niet leuk. En toch… je moet naar school.”

“Stomme mama!” was haar reactie. De nacht was kort geweest, haar lontje dus ook. De tijd van uitleggen was voorbij; ze ging in de contramine: “Ik ga gewoon niet naar school.”

Ik dacht aan het nut van onderwijs, aan kinderen in verre landen wiens school aan flarden is geschoten, aan leerplicht tot je zestiende, aan een baan op niveau enzo. Ik keek naar mijn bijna-niet-meer-kleuter die duidelijk niet voor rede vatbaar was nu, en zei: “Ik wil graag dat je naar school gaat. Dat mag je best stom vinden. En toch: alle kinderen moeten naar school.”

“Van wie moet dat?” vroeg ze, terecht en toch onverwachts.

“Wat?” vroeg ik.
“Van wie moet ik dan naar school?” verduidelijkte ze; en keek me vorsend aan.
“Dat moet van de koning,” blufte ik.

De koning?

Ze viel stil; hier moest ze duidelijk over nadenken. Ze is een echte Oranje-fan, ze kijkt graag naar de Gouden Koets, ze droomt weg bij de drie prinsesjes. En Wim-Lex? Dat was toch een soort Sinterklaas, in haar ogen. Maar dan zonder cadeautjes.

Ze kauwde op deze onwelkome informatie terwijl ze met haar boterham speelde en ik de ontbijttafel afruimde.

Ze kauwde erop tijdens het tandenpoetsen en ze kauwde erop toen we naar school liepen. Ze kauwde erop toen we de deur opendeden en toen ze haar jas aan de kapstok hing. Toen rende ze weg – zo hard ze maar kon, zo ver mogelijk van haar klaslokaal vandaan.

In de hal, achter een muurtje, vond ik haar terug. Een illusie armer, maar een vast voornemen rijker.

Ze had haar armen over elkaar, haar blik stond op donder.
“Ik geloof niet in de koning,” zei ze.

Comments

comments

In categorie: Gedachten

door

Diana van Ewijk is, naast officieel Soephoofd, ook kapitein van het #KliekjesCollectief en social mediamanager in #BlueCity010. Een storyteller met de focus op foodwaste!

2 comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *